Volgens een oude overlevering bracht Diederik van de Elzas,
graaf van Vlaanderen, na de tweede kruistocht, de relikwie van
het Heilig Bloed mee uit het Heilig Land (1150).
Wegens zijn uitnemende heldhaftigheid tijdens deze kruistocht
zou Diederik de relikwie gekregen hebben, met toestemming van
de Patriarch van Jeruzalem, uit de handen van zijn schoonbroer
Boudewijn III van Anjou, koning van Jeruzalem. | |
Op
7 april 1150 bracht graaf Diederik, vergezeld van zijn echtgenote
Sybilla van Anjou en Leonius, abt van de Sint-Bertijnsabdij
van Sint-Omaars, de relikwie naar de door hem opgetrokken Sint-Basiliuskapel
op de Burg in Brugge.
|